Maarten Kloos
directeur ARCAM

door Christa van Vlodrop

1. Achtergrond

Vader was architect, familie vooral van moederskant muzikaal. Dit maakte het onvermijdelijk dat ik lang heb getwijfeld tussen architectuur en cello, zelfs enige tijd mijn aandacht heb verdeeld over bouwkunde in Delft en conservatorium in Den Haag. Maar er was geen ontkomen aan: ik ben afgestudeerd aan de TU Delft.

2. Vanwaar fascinatie
voor architectuur / stedenbouw?

Voor architectuur: door alles wat ik als kind erover opving, thuis in Van Loghems 'Tuinwijk-Zuid' in Haarlem, met een van de mooiste woningplattegronden die ooit is getekend en op de tweede verdieping de tekenkamer van mijn vader. Voor stedenbouw: veel later, vanuit gaandeweg gevormde opvattingen over de samenleving.

3. Beste stad

Ik houd niet van absolutismen. Mijn 'beste stad' is vaak een stad aan water, maar meestal gewoon de laatste stad waar ik me lekker heb gevoeld. Ik kan enorm verlangen naar New York, heb een haat-liefde verhouding met Parijs en heb op dit moment vooral Madrid in mijn hoofd.

4. Mooiste gebouw

Net als de 'beste stad' bestaat ook het 'mooiste gebouw' niet. Een ervaring die ik wel ken is dat een gebouw overdonderend aangrijpend kan zijn. Ik wil in een dergelijke situatie altijd het liefst alleen zijn. Het overkwam me onder andere in Le Corbusiers gebouw voor de Mill Owners' Association in Ahmedabad, India.

5. Mooiste park of plein

Zowel bij een park als bij een plein moet het gaan om een sfeervolle ruimte waarin mensen bijeen kunnen komen. Een fascinerend plein is in dat opzicht het Prato della Valle in Padua, tot de mooiste parken behoren het Parque Ibirapuera in São Paulo en het nieuwe Westerpark in Amsterdam.

6. Beste publieke inrichting / stedenbouwkundige invulling

Hier aarzel ik, want als ik eerlijk ben, dan zeg ik: de Westelijke Tuinsteden. Kan ik, als Amsterdammer, dat wel zeggen? Ik doe het gewoon: Nieuw West, een fantastische ruimtelijke organisatie met enorme toekomstmogelijkheden die 80 jaar geleden al door een aantal visionaire ontwerpers lijken te zijn voorzien.

7. Beste innovaties 20ste eeuw en 21ste eeuw

Voor mij is de afgelopen eeuw begonnen in 1909, op het moment dat Blériot als eerste met een vliegtuig het Kanaal overstak. Vanaf dat moment zijn alle ruimtelijke ontwikkelingen verbonden met de vraag hoe lichtheid zich moet verhouden tot aan de ene kant soliditeit, aan de andere kant dematerialisatie.

8. Komende baanbrekende innovatie

Alle substantiële toekomstige innovaties zullen betrekking hebben op het begrippenpaar plaats en tijd. Op het niveau van de teletijdmachine, het 3D-kopiëren of het deconstrueren en vervolgens elders reconstrueren van organismen, moet geen enkele mogelijkheid worden uitgesloten.

9. Over de toekomst van de stad

Het ligt voor de hand dat de stad zoals we die kennen een onvoorstelbare transformatie zal ondergaan. Dit zal vooral zijn beslag krijgen in totaal andere verhoudingen tussen de samenstellende delen en in een veel vloeiender karakter van de stad als geheel.

10. Persoonlijke bijdrage aan stedenbouw

Met de oprichting van ARCAM werd in 1986 een platform gecreëerd dat heeft bijgedragen aan een verbreding van de waardering voor stedenbouwkundige kwaliteit. De ARCAM KAART (1995) heeft laten zien dat een ogenschijnlijk zeer abstract element als 'toekomstperspectief' ook een bijna tastbare gestalte heeft.

11. Guerrilla in the city?

Een fenomeen als de stadsguerrilla zaait duidelijk verdeeldheid onder de mensen. De een is er benauwd voor, de ander zit erop te wachten. Ik behoor tot degenen die ernaar uitkijken, verrast willen worden en teleurgesteld zijn wanneer het op dit front aan nieuwe ideeën lijkt te ontbreken.