Karin Laglas
Decaan faculteit Bouwkunde
Technische Universiteit Delft

door Christa van Vlodrop

1. Achtergrond

Ik ben opgeleid tot constructief ontwerper bij civiele techniek aan de TU Delft en heb 25 jaar gewerkt als projectontwikkelaar en vastgoedbelegger in binnen- en buitenland. Het afgelopen jaar ben ik interim directeur van de BNA (Bond van Nederlandse Architecten) geweest.

2. Vanwaar fascinatie
voor architectuur / stedenbouw?

Stedenbouw en architectuur geven vorm aan de ruimte waarin we als mensen leven. Daarmee hebben ze een duidelijke verbinding met de dagelijkse realiteit. Een goed ontworpen mooie ruimte of gebouw maakt het leven een beetje prettiger.

3. Beste stad

Heel erg dicht bij huis. Amsterdam vind ik een geweldige stad. Het prachtige historische centrum dat ook nog gewoon gebruikt wordt om in te leven. De zeer geslaagde transformatie van de IJ-oevers in stedelijk gebied, de Westergasfabriek, het culturele klimaat, de - ondanks alles - tolerantie voor mensen die van de norm afwijken. Een fijne stad om in te leven.

4. Mooiste gebouw

De faculteit Bouwkunde in Delft natuurlijk! Een fantastisch voorbeeld van hoe een ouderwets, kleurloos en suf gebouw een nieuw bruisend leven kan krijgen.

5. Mooiste park of plein

Ik vind Parc de Bercy in Parijs erg prettig. Dit houdt het midden tussen een park en een stedelijke verblijfsplek. Het park heeft een mooie opbouw van verschillende 'kamers' met een gevarieerde groen- en steeninrichting. Even de Seine over via een prachtige brug voor een kijkje in de Grand Bibliotheque. En Bercy Village voor de zondagmiddaglunch.

6. Beste publieke inrichting / stedenbouwkundige invulling

De stad Lyon behaalt bijzondere resultaten. Meer dan 10 jaar geleden is op een mooie manier geïntervenieerd in de binnenstad. Door een slim verkeerscirculatieplan met parkeergarages te koppelen aan mooie pleininrichtingen en op een paar plekken spraakmakende openbare gebouwen te realiseren (de opera van Jean Nouvel bijvoorbeeld) is een zeer prettige binnenstad ontstaan die zich ook in de tijd goed 'houdt'. Nu is de stad bezig met 'Lyon Confluence', de ontwikkeling van een tegen het centrum aangelegen industriegebied. Ook dat wordt op doordachte wijze - met veel aandacht voor de openbare ruimte en functies in het gebied - aangepakt. Ook in dit geval zal een bijzonder openbaar gebouw daar waar de Rhône en Saône samenvloeien de apotheose zijn.

7. Beste innovaties 20ste eeuw en 21ste eeuw

De vele kleine en grotere innovaties die het mogelijk hebben gemaakt slanker, comfortabeler, goedkoper en mooier te bouwen. Laten we daarmee vooral doorgaan in de 21e eeuw.

8. Komende baanbrekende innovatie

Slimme toepassingen van zonne- en windenergie in bouwmaterialen en gebouwen zodat we geen (of nauwelijks) fossiele energie meer zullen gebruiken voor de gebouwde omgeving. Idem voor transport; vervoer dat aansluit bij individuele behoeftes en geen fossiele energie vraagt.

9. Over de toekomst van de stad

De verstedelijking gaat door. Door de kennis- en creatieve economie wordt de stad nog aantrekkelijker. Mensen zoeken de stad op om interessante ervaringen op te doen en te kunnen interacteren met gelijkgestemden. De openbare ruimte en ontmoetingsplekken nemen in belang toe. Het internet behoort echter ook tot de openbare ruimte. Het is de vraag of mensen zich nog zullen hechten aan hun directe woonomgeving (de buurt) of dat internetcommunities de plek van de fysieke buurt zullen innemen. Dat vereist ook nadenken over de rol van 'de wijk of de buurt' als ordenend ruimtelijk-bestuurlijk principe. Met de doorgaande trek naar de steden zullen we ervoor moeten zorgen dat er voldoende woonruimte is, ook voor diegenen die een smalle beurs hebben. Ook zij zullen naar de stad trekken.

10. Persoonlijke bijdrage aan stedenbouw

In het verleden via projecten waar ik als ontwikkelaar nauw bij betrokken ben geweest. Stadshart Amstelveen bijvoorbeeld en andere binnenstadsontwikkelingen. Nu, via mijn rol als decaan van de faculteit Bouwkunde in Delft, meer indirect via het faciliteren van stedenbouwkundig onderwijs én onderzoek.

11. Guerrilla in the city?

Tijdelijk gebruik van leegstaande gebouwen en minder regelgeving die functiewijziging belemmert. Leuk zijn bijvoorbeeld guerilla stores: tijdelijke winkels op onverwachte plekken. Ook een goede manier om een plek bekend te maken.