Olof van de Wal
directeur KEI kenniscentrum
stedelijke vernieuwing

door Christa van Vlodrop

1. Achtergrond

Historicus. Oprichter van Platform GRAS, het architectuurcentrum van Groningen. Gewerkt bij de dienst RO/EZ in Groningen, met mooie projecten als ‘A star is born’ en ‘Blue Moon’. Betrokken geweest bij het Nederlands Architectuurinstituut en het Wall House in Groningen. Sinds vier jaar ben ik directeur van KEI.

2. Vanwaar fascinatie
voor architectuur / stedenbouw?

Ik heb me altijd verwonderd over de manier waarop de gebouwde omgeving invloed heeft op de emoties en het leven van mensen. Die is intrigerend, ingewikkeld en zeker niet een op een, zoals sommigen lijken te denken. De ambachten stedenbouw en architectuur zullen de wereld niet redden, maar kunnen er wel bij helpen. Dat maakt boeken als ‘Atlas westelijke tuinsteden Amsterdam’ zo interessant, waarin het gedrag van mensen als uitgangspunt genomen wordt, niet de inrichting van de stad.

3. Beste stad

De beste stad is misschien wel de stad waar je een haat-liefdeverhouding mee hebt, waar je omarmd wordt en afgewezen tegelijk, die zich niet nestelt in behaaglijkheid, maar tegelijkertijd wel energie oproept. In dat geval scoort Rotterdam hoog.

4. Mooiste gebouw

Dat zijn er zoveel. Voor mij is het Wall House van John Hejduk, dat postuum gebouwd is in Groningen, een van de belangrijkste gebouwen. Niet omdat het zo goed is gedetailleerd, of zelfs erg mooi is, maar omdat het zo radicaal en tegelijk poëtisch is, met functies en ruimtes van een woonhuis speelt, zodat het continu tot ontdekken en verwondering aanzet.

5. Mooiste park of plein

De vismarkt in Groningen, een plein waar een lichte geur van vis je vertelt dat dit nog een echte markt is, een plein dat bovendien precies groot genoeg is voor een goede markt en een plein waar de haast en het slome prachtig samengaan.

6. Beste publieke inrichting / stedenbouwkundige invulling

De Speeldernis in Rotterdam. Het is een speeltuin zonder speeltoestellen, eigenlijk niet meer dan bos, slootjes en modder. Maar vooral is het een plek die niet op angst is ingericht (wat wij tegenwoordig vreemd genoeg veiligheid noemen), maar op plezier. Een verademing in een tijd waar alle stedelijke ruimte hypergecontroleerde ruimte is.

7. Beste innovaties 20ste eeuw en 21ste eeuw

De democratisering van het internet. En daarmee heb ik het niet zozeer over de communicatieve incontinentie die ons de reaguurders heeft opgeleverd, maar over de enorme hoeveelheden kennis en informatie die we tot onze beschikking hebben, of het nu gaat om oude archieven of om de plek waar je de lekkerste appels kunt plukken. Dat is een ongekende rijkdom.

8. Komende baanbrekende innovatie

Vervoer dat zowel individueel als collectief is. De beste innovatie in het openbaar vervoer is de OV-fiets, die een prachtige combinatie van beiden is. Als dat idee nog een paar slagen verder gebracht wordt, dan kunnen wegen en energie veel efficiënter gebruikt gaan worden.

9. Over de toekomst van de stad

Als we eindelijk afstand doen van de gedachte dat we de stad in de toekomst op dezelfde manier moeten gebruiken en beleven als we dat nu doen, en als we stoppen haar op die manier in te richten, dan heeft de stad een grootse toekomst.

10. Persoonlijke bijdrage aan stedenbouw

Ik bouw geen steden en zal dat voorlopig ook niet gaan doen, dus daar zal het ‘m niet in zitten. Wel probeer ik de discussie het vak uit te halen en te verbinden aan de mensen die volop met de ontwikkeling van de stad bezig zijn en weinig begrijpen van de rol van de ontwerper hierin.

11. Guerrilla in the city?

Guerrilla is oorlog, bloedvergieten, hard en echte pijn. Dat heeft niets van doen met de lieve dingen als tuinieren in de stad die niet confronterend of rebels zijn, maar vooral leuk en interessant. Die gaan vooral om het nemen van initiatief. Als dat guerrilla is, dan zijn we heel ver van huis.